KINOP pedagogisch beleid in vogelvlucht
Kinderen opvangen is meer dan op de winkel passen als de ouders er niet zijn. Kinderen leren vaardigheden van hun directe omgeving en van leeftijdsgenootjes. Afhankelijk van de leeftijdsfase waarin ze verkeren en, misschien nog wel belangrijker, van hun directe omgeving. Daarom stelt KINOP uitgebreide eisen aan de gastouder en kennen we ook een uitgebreid en helder geformuleerd pedagogisch beleidsplan. U vindt het in het KINOP- informatieboekje.
We bieden door onze opvang een gevoel van emotionele veiligheid. Daarnaast dient de opvangsituatie gelegenheid tot het ontwikkelen van persoonlijke competenties te bieden. Ook willen we kinderen de kans geven normen en waarden ofwel de “cultuur” van een samenleving, eigen te maken; socialisatie.
Wetenschappelijk is aangetoond dat kinderen in verschillende leeftijdsfasen, ook verschillende dingen kunnen leren. Daarom onderscheiden we in ons pedagogisch beleid de baby, dreumes en peuter, kleuter en schoolkindfases. Onze opvang sluit daarbij naadloos aan en in ons pedagogisch beleidsplan staat ook precies welke benadering voor welke leeftijdsgroep ideaal is.
Uiteraard vindt u in het plan ook onze visie op sociaal emotionele en verstandelijke ontwikkeling van kinderen en hoe wij denken over grenzen stellen en vooral ook stimuleren van kinderen. Dit alles vanuit een allesoverheersend KINOP principe: uw kind verdient professionele, flexibele en betrokken opvang op maat. Het kind centraal. Daar draait het om.
Uw gast- of opvangouder is gelukkig ook maar een mens. Ziekte of verhindering kan dus ook haar treffen. KINOP All-in klanten kunnen dan een beroep doen op onze invalpoule. Hoe, leest u ook in ons pedagogisch beleidsplan.
Ziektebeleid
Mocht uw kind ziek worden, dan belt de gast- of opvangouder om u op de hoogte te brengen. In overleg wordt afhankelijk van de ernst van de situatie en de mogelijkheden die er zijn om uw kind extra aandacht en zorg te geven, bepaald of uw kind kan blijven of dat het kind opgehaald moet worden. KINOP adviseert het zieke kind meteen op te halen bij hoge koorts. Het belang van het kind zal altijd het uitgangspunt zijn. Zolang de opvangouder denkt de verantwoording aan te kunnen, kan het zieke kind in overleg met de ouder die dag bij de opvangouder blijven. Indien de opvangouder aangeeft de verantwoordelijkheid niet aan te kunnen, heeft de opvangouder hierin het laatste woord.
Kinderziektes
Een kind hoeft niet geweerd te worden omdat het een kinderziekte heeft. We volgen hierbij de richtlijnen van de GGD. Voor de meeste kinderziektes geldt dat besmetting al plaatsgevonden heeft voordat het kind daadwerkelijk ziek wordt. Kinderziektes hebben een belangrijke functie. Het kind bouwt zijn eigen immuniteitsysteem op.
Informeer de opvangouder volledig over de gezondheidstoestand van uw kind. Bij plaatsing is het belangrijk als de opvangouder weet of een kind gevaccineerd is of gaat worden. Wanneer zich een besmettelijke ziekte als mazelen of kinkhoest voordoet kunnen extra maatregelen genomen worden om de ongevaccineerde kinderen te beschermen. Bijvoorbeeld door ze alsnog te vaccineren of ze tijdelijk thuis te houden.
De opvangouder heeft altijd de naam en het juiste telefoonnummer van de huisarts van het kind.
Maatregelen bij infectieziekten
Wij houden ons aan de richtlijnen van de GGD. Klik hier voor het handboek Gezondheidsrisico’s in een kindercentrum. Hierin staat uitgebreide informatie over infectieziekten en hoe hiermee om te gaan.
GGD-inspectierapport
Dit rapport is op aanvraag verkrijgbaar op het hoofdkantoor van KINOP.
|